I hear music when I look at you
Hippowat?
"Sleep is overrated".
Het staat geschreven op de hippe T-shirts van de hippe jonge mensen die werken in de hippe jonge koffiewinkel.
Wat een troostrijke tekst.
Zeker wanneer je beseft, dat op hetzelfde moment dat jij daar met een slaperige kop een sterke koffie staat te bestellen, in je hersenpan een sterk gekrompen hippocampus wanhopig het hoofd boven water probeert te houden. (Zo'n hippocampus schijnt iets te doen met leren, onthouden en emoties.)
Dat die hippocampus krimpt is de uitkomst van recent hersenonderzoek naar de gevolgen van een structureel gebrek aan slaap. En hoe erg dat is ben ik gelukkig al weer vergeten.
Liefde

Dit gedichtje schreef ik voor een congres waar het ging over duurzame energiebronnen. Als dagvoorzitter gebruikte ik het als poëtisch tussendoortje.
Na afloop vroeg iemand of hij het gedicht mocht hebben, want hij vond het zo mooi. Ik krabbelde de tekst op een papiertje en gaf het hem. Blijkbaar heeft hij het daarna gescanned en op het web gezet. Daar zweeft het sindsdien rond. Iemand ontdekte het en wees me erop. Toen dwarrelde het uiteindelijk weer voor mijn voeten neer.
I'm not crying..
I see you.
Een lovesong van KappenEnKappen (KeK 2013).
Hanneke en broer Harry, ze maken samen muziek sinds ze klein zijn.
Prijsvraag: wie is de danser met de elastieken benen?
Onder het kopje Muziek is op deze site meer te horen en te zien.
Vliegen
Ik herinner me het verhaal van Godfried Bomans als volgt:
Pa Pinkelman en Tante Pollewop vliegen hoog door de lucht in een karretje dat voortgetrokken wordt door een struisvogel. Tot het moment dat tante Pollewop opmerkt dat struisvogels helemaal niet kúnnen vliegen. Waarna ze met het hele spul van grote hoogte recht naar beneden storten.
Conclusie: Je kunt alleen vliegen, als je er van overtuigd bent dat het mogelijk is.
In beweging
Floris Bosveld danst.
Ceder
Ik heb een ceder in mijn tuin geplant,
gij kunt het zien, gij schijnt het niet te willen.
Een binnenplaats meesmuilt ge, sintels, schillen,
en schimmel die een blinde muur aanrandt,
er is geen boom, alleen een grauwe wand.
Hij is er, zeg ik en mijn stem gaat trillen,
Ik heb een ceder in mijn tuin geplant,
gij kunt hem zien, gij schijnt het niet te willen.
Ik wijs naar buiten, waar zijn ranke, prille
stam in het herfstlicht staat, onaangerand,
niet te benaderen voor noodlots grillen,
geen macht ter wereld kan het droombeeld drillen.
Ik heb een ceder in mijn tuin geplant.
Han G. Hoekstra (1906-1988)
Ervaring
Kijk, dát ken ik wel, zegt ze. Ze wijst tot mijn stomme verbazing naar een boek van Isabel Allende.
Het laatste wat ik van haar verwacht, is dat ze dit soort boeken leest. Ze heeft wel wat anders aan haar hoofd zou je zeggen. Maar het kán natuurlijk wel, dat ze het gelezen heeft.
Ze is 17, ze woont in een internaat, omdat het thuis vanwege agressie, misbruik en verwaarlozing niet meer ging. Leren en lezen gaan haar erg moeilijk af.
Ik vraag haar waar het boek over gaat.
Ze zegt: dat gaat over ellende.
En ze loopt al weer verder.
Ellende. Dát kent ze zeker. Ze is zolangzamerhand expert op dat gebied.
Wat een ellende.![]()
Aarde, wind en vuur
Pavane
Wat een feest als een huis gezegend is met een piano én met iemand die er mooi op spelen kan.
Zo klinkt in dit huis tegenwoordig bijna dagelijks de Pavane pour une infante défunte van Maurice Ravel. Het stuk ging 110 jaar geleden in premiere en het schijnt meteen een hit te zijn geweest.
En dat is het nog. Zo mooi. De klanken gaan nog steeds recht het hart in. Dwars door tijd en ruimte.
Ravel was jong toen hij het schreef.
Het verhaal gaat, dat het hem altijd dwars heeft gezeten dat de mensen lyrisch waren en bleven over de Pavane, terwijl ze zijn latere werk, dat in zijn eigen beleving zoveel beter was, minder leken te waarderen. Hij kon daarom het stuk niet uitstaan.
Maar daar heeft zo'n Pavane zelf natuurlijk helemaal geen boodschap aan.
Je hoort een youtube-versie van een opname uit 1954, gespeeld door Sviatoslav Richter. Compleet met een hele lelijke hoester in de zaal.
Zelfs daar trekt het stuk zich niks van aan.
Rap
Flight of the Conchords
Omdat het nog steeds zo grappig is.
Met de neus op de feiten
Aanrader: bekijk het filmpje ook eens met de Pavane uit het stukje hierboven, of met de onheilsmuziek uit het verhaaltje Onheil. Geluid heeft verbazend groot effect op een belevenis.
Onheil
We zijn inmiddels gewend geraakt aan het-komt-wel-goed-muziek in lift, wachtkamer en winkelcentrum. De boodschap is: ontspan, koop en mor niet. Momenteel is een verschijnsel in opkomst, dat precies het tegenovergestelde beoogt. Ik noem het: we-zijn-volledig-de-pineut, of onheilsmuziek.
Laag en dreigend resoneert het bijvoorbeeld onder de naderende uitslag van iedere zichzelf respecterende talentenshow. Close-ups van zich verbijtende kandidaten, tergend lang aangehouden stiltes. Stiltes ja, maar dan wel mét zo’n onheilspellende, deze-spanning-is-niet-te-harden grondtoon. Je hartslag versnelt, of je wilt of niet.
Onlangs signaleerde ik het geluid zelfs onder een nieuwsbulletin. Met alarmerende uitwerking: Crisis!? Nee, ze bedoelen vast het einde der tijden!!! We gaan eraan!!!
Een doodgewoon nieuwsbulletinnetje was het, echt hélemaal niks aan de hand.
Je zou er de zenuwen van krijgen. Een verfrissend motregentje verandert op deze manier in een allesverwoestende modderstroom. Of een onschuldig konijntje..…...
Nou ja, onschuldig...?
Give me the simple life...
Wolf in schaapskleding
Wendy heeft een bot gekregen. Wendy is een hond, of beter, een hondje. Het bot is in dit geval een hard stuk leer met aan weerskanten een knoop erin. In verhouding tot de hond is het bot aan de royale kant. Een St.Bernard zou er de handen vol aan hebben. Wendy krijgt niet eens de kaken om het smalle middenstuk. Toen ze hem kreeg snuffelde ze eraan en dat was het zo ongeveer.
Totdat de kat, genaamd Poes, opstond uit de vensterbank, zich uitrekte en aanstalten maakte om naar buiten te gaan. Tussen haar en de deur naar buiten lag het bot. Wendy lag op de bank en sliep. Althans, zo leek het.
Want in een fractie van een seconde stond Wendy bij het bot, de kop laag, bovenlip opgetrokken, vervaarlijk grommend. Wolf in staat van opperste paraatheid. Het was werkelijk indrukwekkend. Niet dat de kat zich er ook maar iets van aantrok, maar toch.
Los!
De auto met de aanhangwagen staat dwars over de stoep geparkeerd. Ik probeer me er langs te wurmen. De chauffeur, een man van achter in de vijftig, leunt uit het autoraam. Hij kijkt in de richting van een blonde jongeman, die achter de auto druk bezig is een omgevallen fiets van de grond te rapen. Zo te zien is deze parkeermanoeuvre niet geheel vlekkeloos verlopen.
De chauffeur zegt tegen de jongeman: "Roep jij even Los?!" Aan de omvang van de letter L in Los herken ik meteen een Friesche oorsprong.
De jongen aarzelt geen moment en brult keihard terug: LOS!! Daarbij kijkt hij mij jolig aan.
De man in de auto reageert niet.
Waarop de jongen droog zegt: of moest dat "Los" ook nog functioneel wèze?!
